Schepenhuis
Geschiedenis · Mechelen
Het Schepenhuis is een gebouw in Mechelen waar de schepenbank in de middeleeuwen haar vergaderingen hield. Het bevindt zich tussen de Grote Markt en de IJzerenleen. Het wedijvert met het schepenhuis van Aalst om de titel van oudste 'stadhuis' van Vlaanderen.
In de 13e eeuw kwam Mechelen tot een economische opleving door de bloeiende lakenhandel. Daardoor groeide de nood aan gebouwen. In 1288 werd er beslist om een stenen gebouw op te richten voor de schepenbank, die tot dan in openlucht bijeenkwam. Tussen 1374 en 1375 werd het gebouw uitgebreid. De decoratie gebeurde onder andere door André Beauneveu en Jan I Keldermans.
Tijdens het bewind van Karel de Stoute werd in het Schepenhuis in 1473 het Parlement van Mechelen geïnstalleerd. Dit parlement was het hoogste rechtscollege in de Nederlanden. In 1477 werd het weer afgeschaft door Maria van Bourgondië. Filips De Schone besliste om het parlement opnieuw op te richten, maar dan onder de naam Grote Raad van Mechelen. De raad verhuisde in 1616 naar het voormalige paleis van Margaretha van Oostenrijk, ook in Mechelen.
Het gebouw kreeg later nog verschillende functies. Zo werd van 1811 tot 1846 de stedelijke academie er onder gebracht.
Uittreksel uit Wikipedia: Schepenhuis (Mechelen) · CC BY-SA 4.0